Een roze zuurstok

Vrijdag praatte ik even bij met I., mijn sportbegeleider. Onlangs vertelde hij me dat zijn vriendin zwanger was en dat hij zijn vakantie had doorgebracht in de toekomstige babykamer. Die moest immers nog voorbereid worden op de komst van de nieuwe telg. I. vertelde me dat winkels als Prenetal veel geld verdienen aan baby’s. Hij zelf vond dat er een hoop onzin te koop is. Er is een extra gordel om de maxi-cosi steviger te kunnen verankeren en daar vragen ze dan weer 50 euro voor. En zo noemde hij nog een lijst met dingen die hij onzin vindt, maar het probleem is dat zijn vriendin dat niet vindt. Ik gaf hem op veel punten gelijk, ik zei tegen hem dat ik op marktplaats zou kijken voor een kinderwagen, ik bedoel zo’n kleine ligt daar amper een jaar in, dus waarom zou je een dure kopen. Dat had hij ook geopperd bij zijn vriendin, maar die kijkt daar toch iets anders tegen aan.

Ik probeerde hem uit de tent te lokken door te vragen welke kleuren de babykamer krijgt, niet dat hij iets losliet, maar het gesprek nam een wending die ik wel vaker meemaak met aanstaande vaders. “Ik ben niet zo van de jongens en meisje kleuren”, verzekerde hij me. Waar had ik dat ook al weer eerder gehoord? Toen het dochtertje van mijn broer geboren werd, was het eerste dat mijn broer zei “Ze gaat geen roze dragen, ik wil geen zuurstok als dochter.”. Lang heeft dat bij mijn broer niet standgehouden, en om eerlijk te zijn mijn nichtje D. ziet er altijd schattig uit in haar roze kleertjes. Dat heb ik I. nog maar niet verteld, ik ben benieuwd hoelang hij het vol blijft houden dat zijn dochter geen roze zuurstok wordt – voorop gesteld dat hij een dochter krijgt, want dat is nog niet bekend.

‘Wij gaan weer naar ons werk’

‘Wij gaan weer naar ons werk’, dat zou wat mij betreft een nuttige campagne zijn die we aan het einde van elke zomer mogen lanceren. Op de een of andere manier ontspannen we ons zo goed tijdens onze vakantie, dat we vergeten hoe goed we op de snelwegen moeten opletten. Gisteren deed ik er op de heen weg twee keer zo lang over om op mijn werk te komen vanwege een auto die midden op de snelweg in brand stond – gevolg beide rijstroken afgesloten. Nu weet ik niet precies wat de oorzaak van die brand was, maar ik ga er voor het gemak even vanuit dat het een gevolg was van een aanrijding.

Vandaag was het qua reistijd op de heen weg hetzelfde. Precies op het punt waar twee snelwegen bij elkaar komen, reed een onoplettende automobilist vol op een voorganger. Het ongeluk gebeurde op de linker rijstrook, maar doordat de brandweer ruimte nodig had om de automobilist uit het autowrak te kunnen bevrijden, was alleen de vluchtstrook beschikbaar voor het verkeer. Natuurlijk gebeurt dit soort dingen ook ruim na onze vakanties, maar ik vind het altijd frappant dat het juist net na onze vakanties, naar mijn gevoel, iets vaker gebeurd.

Als er dan een landelijke ‘Wij gaan weer naar ons werk’ campagne opgestart wordt, dan moet deze campagne alle automobilisten ook even moeten wijzen op het feit dat ze eerder van huis moeten vertrekken. Dit gewoon puur om er zeker van te zijn dat je op tijd bij je afspraken bent. Het viel mij namelijk gisteren en vandaag op, dat er zo veel mensen zijn die zo veel haast hebben, dat ze enerzijds de verkeersregels compleet vergeten en anderzijds niet het fatsoen op kunnen brengen om net als alle andere mensen keurig op hun plaats te wachten.

Misschien komt het omdat de heren het, door hun vakantie, niet meer gewend zijn om een stropdas te dragen – die zou zo maar zo strak kunnen zitten dat hun hersens wat minder bloed krijgen. Want gisteren passeerden een heel keurslijf aan zakelijk geklede automobilisten mij via de vluchtstrook – en dat terwijl we de eerste aankondiging van een naderende afrit, dat bordje waar 1200 m op staat, nog niet gezien hadden. Blijkbaar vonden ze het allemaal geheel verantwoord om met een bloedgang over de vluchtstrook te razen. Ik denk dat we dit soort automobilisten moeten waarschuwen dat ze zich na hun vakantie weer even moeten realiseren dat je in Nederland niet op de vluchtstrook mag rijden.

Vanochtend was er een ander fenomeen, het vergeten om je fatsoenlijk te gedragen. Ruim voor de plek waar het ongeluk gebeurd was, stond duidelijk op de borden boven de weg, dat iedereen naar de rechter rijstrook moest. Maar blijkbaar vergeten een hoop mensen tijdens hun vakantie dat zo’n pijltje betekent dat de linker rijstrook niet meer gebruikt mag worden. Want met enige regelmaat passeerde mede weggebruikers mij aan de linkerkant – dit zelfs nog nadat het bord boven de linker rijstrook een rood kruis toonde. Hopelijk zorgt de campagne ‘Wij gaan weer naar ons werk’ er voor dat iedereen weer normaal en relaxt de snelweg op gaat na zijn of haar vakantie.

De pepermuntjespot-theorie

pepermuntHet is eigenlijk gewoon zo gegroeid, misschien is in gesleten wel een betere woordkeuze. Elke maandagavond gaan we met zijn allen naar de sportschool. De ene komt juist op maandag, omdat dan manlief op de kinderen past. Weer een andere, omdat de maandagavond gewoon het beste in de agenda past. Maar de meeste komen gewoon voor de gezelligheid.

Deze week ging ik, nadat ik mijn rondje van oefeningen en aparaten had gedaan, weer naar huis. En terwijl ik me, pratend met een medesporter, naar de uitgang begaf, pakte ik nog even snel een pepermuntje uit de pepermuntjespot die op de tafel bij de hoofdingang staat.

“Eigenlijk zouden ze het moeten verbieden”, zei mijn medesporter en hij wees op de pepermuntjespot.

“Waar doel je precies op?”, vroeg ik hem toen ik hem niet direct begreep.

“Nou zo’n pot waar iedereen met zijn handen in zit, dat kan de Mexicaanse griep verspreiden.”, legde hij me uit.

Ik wist niet zo heel goed wat ik er van me moest denken, want aan de ene kant zou het zomaar kunnen – er zijn immers veel mensen die deze sportschool bezoeken en ik heb geen idee waarheen ze allemaal geweest zijn op hun vakanties – en aan de andere kant vind ik het wel ietwat ver gezocht.

De dag erop installeerde ik me achter mijn bureau en was ik de pepermuntjespot-theorie van mijn medesporter al weer compleet vergeten. We zitten met acht collega’s op een kamer, en op die kamer hebben we een snoeppot. Er is geen vaste afspraak over, maar om de beurt vullen we die pot. En als we hem zelf niet leeg eten dan is er altijd wel iemand die langskomt en even een handje snoep uit onze snoeppot grist. Op het moment dat ik onze snoeppot zag, moest ik ineens weer aan de pepermuntjespot-theorie van mijn medesporter denken en ineens had ik geen behoefte meer aan een snoepje.

Een geromantiseerd verlangen naar vroeger

Boeket van potlodenAls de zomervakanties ten einde lopen – het grensvlak waarop die ene vakantieliefde in de vergetelheid dreigt te raken en de middelbare-school-verliefdheid weer in zicht komt – verlang ik nog wel eens terug naar de tijd dat ik nog op de middelbare school zat.

Zo vlak voor het aanbreken van het nieuwe schooljaar zocht ik dan in de Bruna-folder naar de perfecte schoolagenda, het kaftpapier waarmee ik mijn schoolboeken wilde verbergen en nieuwe pennen en potloden. Het naderen van de herfst zal voor mij altijd onlosmakelijk verbonden zijn, met het weerzien van oude bekenden en de geur van een bos vers geslepen potloden.

De eeuwige puber

john-hughesWie, net als ik, een deel van zijn pubertijd heeft doorgebracht in de 80’s heeft minimaal een van zijn films gezien. Het is immers een indrukwekkende lijst aan films die door deze man geschreven, geregisseerd en/of geproduceerd zijn: “Sixteen Candles”, “The Breakfast Club”, “Weird Science”, “Pretty in Pink” en  “Ferris Bueller’s Day Off” – ik heb de lijst ingekort tot mijn persoonlijke favorieten. Ik heb het hier over John Hughes, een jeugdheld die vorige week veel te jong is overleden aan een hartaanval.

John Hughes was een meester in het maken van films waarin hij liet blijken dat hij de pubertijd, en alle problemen die dat met zich meebrengt, als volwassene nog steeds goed kon begrijpen. Als hofleverancier bood hij een podium aan de Brat pack, een groep van jonge acteurs en actrices die in de jaren 80 uitgroeiden tot culthelden.

September maand, cursus maand

Toen ik met bloggen begon dacht ik dat het mij niet zou overkomen, maar ik heb ook last van het fenomeen komkommertijd. Maar ik slaap er niet minder om, in tegendeel zelfs. In het voorjaar en de vroege zomer had ik een erg druk sociaal leven en op dat vlak is het de laatste paar weken erg rustig. Op zich ook niet verwonderlijk als half Nederland op vakantie is. Nu geniet ik dus even van een wat rustigere periode, zeg maar een soort opmaat voor het volgende muziekstuk. Dat muziekstuk begint met een cursus waarin ik alles leer over de digitale spiegel reflex camera. Het leuke aan deze cursus is dat het heel interactief is, zo krijgen we elke week een beetje theorie en moeten we in opdracht een aantal foto’s maken, die we met zijn allen gaan beoordelen. Daarnaast is er nog een praktijk middag, ik kan in elk geval niet wachten.

Tijdens de zoektocht naar een Tai Chi school waarvan ik denk dat hij goed bij mij past, kwam ik er bij toeval achter dat er binnenkort een cursus Chi Kung start. Aanvankelijk twijfelde ik over het tijdstip waarop de lessen gepland staan, voor een nachtmens is zondagmorgen 11:00 uur eigenlijk iet wat aan de vroege kant. Even was er  een kleine tweestrijd tussen het lekker rustig aan wakker worden op de zondag of het volgen van die cursus en het laatste heeft het gewonnen. Nadat ik me had opgegeven, vulde ik de data van de lesdagen in mijn agenda. En ik zag hoe vol de maand september is, een gemiddelde week ziet er zo uit: twee avonden sporten, één avond cursus fotografie en elke zondag een les in Chi Kung – daarnaast ook gewoon werken. Er zijn tijden geweest, waarop ik op zag tegen zo’n overvolle agenda, maar nu niet. Ik kijk erg uit naar de kans om nieuwe mensen te ontmoeten, al zal het denk ik september ook wel wat rustiger zijn op mijn blog.

Vakantieleed

Vrienden van mij gingen met de auto op vakantie naar Engeland. En terwijl ze daar onbezorgd genoten van hun welverdiende vakantie, kregen ze een auto-ongeluk. Nu zou je denken dat je je dan met een leaseauto geen zorgen hoeft te maken, maar daarover later meer. Afgezien van wat materiële schade – auto lijkt total loss te zijn – was het gezin verder gelukkig gezond.

Dat ongeluk kregen ze vier dagen voor ze weer zouden terugkeren en ze namen contact op met de leasemaatschappij. Aangezien het ongeluk in het buitenland heeft plaats gevonden, besteedde de leasemaatschappij het uit aan de ANWB. Op zich niks mee aan de hand zou je zo op het eerste gezicht denken. Ware het niet, dat de ANWB geen eigen mensen heeft rijden in Engeland, dus die besteedde het weer uit aan de AA (de Engelse ANWB).

Nadat ze enkele dagen niets hoorden, besloten mijn vrienden om maar eens contact op te nemen met achtereenvolgens de leasemaatschappij, de ANWB en de AA. En het bleek dat het allemaal toch wat complexer was dan je zelf zou denken – dat werd duidelijk nadat ze toe hadden gegeven dat ze mijn vrienden compleet vergeten waren. Blijkbaar mag je niet met een Engelse huurauto naar het vasteland en andersom mag ook niet. Het was inmiddels al zaterdag en de ANWB kon verder niets meer regelen, ze zouden een vlucht boeken en mijn vrienden laten weten wanneer ze naar Nederland konden vertrekken. Er werd nog wel verteld dat ze alleen de nodige bagage mee konden nemen, de rest moesten ze achterlaten in de auto.

Zondag geen nieuws, maandag ook geen nieuws. Op dinsdag besloten mijn vrienden om maar weer eens contact op te nemen met de ANWB. Een medewerkster van de ANWB wist mijn vrienden te vertellen dat de vlucht geregeld was en dat ze over 6 uur zouden vertrekken, “maar daar over hebben wij u bericht” voegde ze er nog aan toe. Inmiddels – enkele weken later – zijn mijn vrienden weer veilig thuis en komt de auto, met de vuile was aan boord, binnenkort ook weer naar Nederland, het SMSje met de vluchtgegevens hebben ze overigens nog steeds niet ontvangen. Wat ik mij dan zo afvraag, heeft u wel eens last gehad van vakantieleed?

Zoektocht naar innerlijke rust

Het is de laatste tijd alom aanwezig, ik lees het op andere blogs, ik hoor mensen erover praten als ik op de sportschool ben, op twitter gaat het erover en ook mensen die ik ken zijn er steeds meer mee bezig: de zoektocht naar balans en innerlijke rust. En ik persoonlijk vind dat een goede ontwikkeling. Alles moet sneller en beter in onze Westerse wereld en dat is voor ons mensen erg vermoeiend. We doen nu op een gemiddelde dag meer indrukken op dan dat we vroeger in een maand deden, en die indrukken moeten we dan ook allemaal nog eens zien te verwerken en een plaatsje zien te geven. Daarnaast is het in een tijd van recessie ook erg begrijpelijk dat mensen weer in contact willen komen met zichzelf. Het vertrouwen dat we immers hadden in het ding dat we deden voor de recessie is bij veel mensen beschadigd.

Mocht u ook een van die mensen zijn die op zoek is naar een manier om te ontspannen dan kan ik u alleen maar meegeven dat u iets moet zoeken dat bij u past. Probeer eens Pilates, Yoga of Tai Chi – de volgorde is geheel willekeurig. Wat ik u nog wel mee wil geven is het belangrijkste dat ik van mijn Tai Chi leraar heb geleerd en dat is onthaasten. We zijn gewend om van alles een competitie te maken en dat is nu juist dat wat u niet moet doen als u met Pilates, Yoga of Tai Chi begint. Doe alles langzaam en stapje voor stapje, probeer niet zo snel mogelijk even lenig te worden als uw Yoga instructeur, want die heeft er waarschijnlijk ook jaren over gedaan om zo ver te komen. Als u de bewegingen van Tai Chi uitvoert, probeer die dan zo langzaam mogelijk uit te voeren, dan hebben ze namelijk ook veel meer effect.

Belangrijk is ook dat u een goed gevoel hebt met u leraar, als u dat niet hebt dan kan die persoon u ook niets leren. Hoe dan ook, mocht u opzoek zijn: sterkte, succes en veel plezier en laat me vooral weten hoe uw zoektocht verloopt.

Warme groet,

Theo